Guido Gezelle schreef ooit over Boerken Naas:
“Wie heeft er ooit het lied gehoord, het lied van ….”
En hier neem ik over:
“… het lied van Jerry, de supermuis !!!”

Sommige vrienden glimlachen nu als teken van herkenning, maar ik moet je eerst verzekeren dat dit verhaal echt gebeurde, nu ongeveer twee jaar en zes maanden geleden. Misschien is er wat TW ingeslopen, wat Toegevoegde Waarden. Dat kan. Misschien ben ik wel wat details vergeten, ik doe mijn best …

Een paar dagen al had ik ze opgemerkt: kleine keuteltjes en kleine gele vlekjes langs de rand van mijn keukenwerkblad. Naarmate het buiten kouder werd vond ik er meer en meer van, wist ik veel.
Tot ik op een avond thuis kwam en boven op mijn aanrecht zat zij: Jerry, de supermuis. Maar dat wist ik toen nog niet. Ze was niet akelig grijs of afstotelijk, maar bruin en ze zat op haar achterwerk rustig haar snorharen te borstelen. Ik heb haar gegoogled en volgens mij was het een kruising tussen de woelmuis, vanwege haar bruine vacht en haar grootte, en de veldmuis, vanwege haar spitse snuit. Hoe dan ook, ik schrok me een aap, temeer omdat zij niet van mij schrok, maar rustig bezig bleef met haar toilet. Toen ik naderde sprong ze de 1 meter van het aanrecht naar beneden en spurtte de living in, niet meer te vinden.

Wat nu? Aha, ik had nog muizenklemmetjes, drie in totaal, en die heb ik strategisch in stelling gebracht; één met kaas, één met een zonnebloempit en één met chocolade. Overal waar ze langs kwam heb ik ze gezet, een week lang, zonder resultaat. Of toch, elke avond, als ik van het werk thuis kwam was mijn lading kaas, pit en chocolade weg. Soms waren de klemmen afgegaan, soms niet.

Meer google werk bracht aan het licht dat de beestjes langs de kanten liepen van de muren, dus heb ik de klemmen zo geplaatst dat ze wel, tussen obstakels door, over de klemmen moest. Helaas, het is mij niet gelukt haar te vangen. Soms hadden we oogcontact, met nervositeit van mijn kant, niet van haar kant.

Ik heb er zelfs onderhandelingen mee gevoerd, want ik vond het wel wat hebben, zo’n intelligente muis, alleen ze ging niet op mijn voorstellen in. Ik offreerde een woning, met eten en drinken, en animatie en vriendschap. En in ruil vroeg ik alleen dat ze haar behoeften zou doen in een klein zandbakje en uit mijn etensvoorraad zou blijven. No deal, was het antwoord. Dus bleef de jacht doorgaan, grimmiger dan ooit want …

Ik ben op een avond hondsmisselijk naar de dokter gelopen en de diagnose was: voedselvergiftiging. Heus. Ik dacht al aan mijn wekelijks kebabje of aan de middagsoep op het werk, maar nee. JERRY !!! The revenge of the supermouse !!!

De kleine lieve bruine muis had zich in mijn muesli doos tegoed gedaan aan alle toegevoegde lekkernijen, maar al doende daar ter plekke, in de doos, haar fecaliën achtergelaten. Ik heb de rest van het pak, onwetend over haar uitwerpselen, als ontbijt verwerkt, met doktersbezoek als gevolg.

Muizen”strontjes” zijn, als ze niet van chocolade zijn nagemaakt, hoogst toxisch.  Ik was om te beginnen erg ziek, maar later, toen ik ware toedracht ontdekte, reuze kwaad. Geen onderhandelingen meer, geen aanbiedingen van compromissen, actie … en hard tegen hard. Het aantal valletjes ging van drie naar zes, ik kocht muizenlijm. Dat strijk je op karton, en in het midden daarvan wat aas, succes verzekerd. Ik was zo boos dat ik er niet bij nadacht wat ik ermee aan moest als ze vastgeplakt zat op het stukje karton. Niks hielp. Het aas verdween, maar geen muis, nog geen pootafdruk.

Onvoorstelbaar. Ik had het karton gelegd tussen keuken en living, met de deur op een kier, geen resultaat. Ondertussen werd ze driester en driester. Ze toonde zich openlijk, om onmiddellijk te verdwijnen bij het minste onraad. Even heb ik overwogen om een kat te huren, maar die prijs was te hoog …
Dus grovere middelen: blauwe gifkorrels, netjes in schaaltjes her en der, met de moed der wanhoop. Niks, nada, noegabollen !!! Geen korreltje werd aangeraakt, herinner haar achternaam: Supermuis !!!

Tot ik op een morgen, gehaast om op tijd op mijn werk te geraken, het zakje blauwe korreltjes op mijn vensterbank omstootte. En ik weet niet hoe het komt, maar ‘s avonds herinnerde ik mij duidelijk dat er acht korreltjes uit het pakje waren gevallen. Er waren er ‘s avonds maar zes meer !!! Bingo ???

Dus mevrouw Jerry hield niet van ordelijke schoteltjes met lekkere blauwe snoepjes (conform de gifappel van Sneeuwwitje), ze wilde ze zelf vinden, ontdekken, een soort van survival. Goed, als ze dat wilde kon ze het krijgen: ik strooide “nonchalant” de korreltjes op haar pad en daar buiten, steeds acht stuks, kwestie van inventaris van haar consumpties. En telkens waren er weer een paar korreltjes weg, dan in de keuken, dan in de living, steeds op een andere plaats.

Ze was tenslotte een supermuis. Ik ben dan de bijsluiter van deze “snoepjes” gaan lezen. Gruwelijk. Ik geef eerlijk toe dat ik overwogen heb te stoppen met deze moordpartij, maar ik was te verbolgen en te ziek geweest. Normaal zou je al na één inname resultaat moeten hebben, maar weer: mijn supermuis heeft er een week over gedaan … en dan verminderden de korrels niet meer. Ik vond ook geen sporen meer van uitwerpselen, zelfs geen reactie meer op achtergelaten muesli. Was ze dood? Of had ze mij gewoon verlaten? Ik ben op zoek gegaan naar haar stoffelijk overschot om haar met mijn respect te begraven, zonder resultaat, onvindbaar … Ik wist niet beter dan dat ze buiten geraakt was en door de kater van de buren (met een nog hogere IQ) te grazen was genomen. Echt, ik miste haar na een tijdje. Het huis leek nu nog leger.

En dan is Lisetje in mijn leven gekomen. En zij heeft in een hoekje, ver onder een kast, het verdroogde kadaver van wijlen Jerry, mijn supermuis, gevonden.
Ik heb haar dan, met postuum eerbetoon, plechtig begraven in de tuin, onder een steen van Auchmittee Beach, Schotland. Er is zelfs een traantje gevloeid …

Als er ergens een muizenhemel bestaat, ik weet zeker dat Jerry daar les geeft om alle toekomstige muisjes te behoeden voor de blauwe korreltjes die, al zijn ze nog zo lekker, inwendige uitdroging én de dood tot gevolg hebben.

Groetjes vanuit mijn berouwvol hartje, mijn zieltje dat Jerry eigenlijk een beetje mist en mijn buikje dat steeds revolteert als ik onderaan het pak muesli ben geraakt.